Maak een Quiz. Het academische vak waarvoor de tekst moet worden gemaakt - Duits. Inhoud moet geschikt zijn voor Jaar of Graad 10. Vereist o...
Wat te makenQuiz
Welk vakDuits
Welke leeftijdsgroepJaar of Graad 10
Welk onderwerpZwakke werkwoorden
Soorten vragenOpen
Aantal vragen6
Aantal antwoorden6
Juiste antwoordenPrecies 1
Toon juiste antwoorden
Gebruik afbeeldingen (beschrijvingen)
Andere voorkeuren

Quiz over Zwakke Werkwoorden in het Duits (Jaar 10)

Test je kennis van zwakke werkwoorden in het Duits met de volgende vragen. Beantwoord elk van de vragen hieronder.

  1. Wat is de basisvorm van het zwakke werkwoord dat betekent "werken" in het Duits?

  2. Hoe wordt de eerste persoon enkelvoud van het zwakke werkwoord "spielen" (spelen) in de tegenwoordige tijd vervoegd?

  3. Geef een voorbeeld van een zin waarin je het zwakke werkwoord "machen" (maken) correct gebruikt in de verleden tijd.

  4. Wat is de verleden tijdsvorm van het zwakke werkwoord "lernen" (leren) in de derde persoon enkelvoud?

  5. Noem een synoniem van het zwakke werkwoord "fragen" (vragen) in het Duits.

  6. Welke uitgangen worden vaak toegevoegd aan de stam van een zwak werkwoord in de verleden tijd?


Juiste Antwoorden

  1. arbeiten
  2. ich spiele
  3. Ik maakte mijn huiswerk.
  4. er/sie/es lernte
  5. erkundigen
  6. -te, -test, -te, -ten, -tet, -ten